De hoofdjapanner

april 25th, 2010

Ik heb een grapje: gebeurt er hier ook maar iets ‘out of the ordinary’, dan komt er een mannetje of vrouwtje aangerend om het te fixen. “De Hoofdjapanner komt eraan!”, roep ik dan. Maar eigenlijk is de naam van deze blog misleidend. Die gaat namelijk over de vele mannen en vrouwen hier die geen Hoofdjapanner zijn.

Wat is de overeenkomst tussen het voormalige Oostblok en Japan? “Een vreemde”, zul je denken. Inderdaad. Laten economie nummer 2 in de wereld en het socialistische Walhalla zich met elkaar vergelijken? Nee natuurlijk. Op één aspect na. Voor alles is hier in Japan namelijk een functie. Het meest trieste geval zag ik vandaag. Een wat oudere man wiens broodwinning eruit bestaat de godganse dag een bord vast te houden dat aanduidt dat je rechtsaf moet voor de parkeerplaats. Service staat hier op nummer 1, meneertje! Zo ging dat ook in het Oostblok. Voor elk kutbaantje werd een functie bedacht. Maar in Oostblokland was het iedereen een biet of je je functie goed uitoefende. Hier in Japan zijn alle baantjes erebaantjes! Zo kwam ik de afgelopen dagen tegen:

  • De-krijg-geen-brokstuk-op-je-hoofd-ik-leid-je-veilig-langs-de-bouwplaats-aanwijs-Japanner
  • De-ik-prijs-iets-onbegrijpelijks-aan-in-het-Japans-vanaf-een-verhoging-en-het-zeikt-van-de-regen-Japanse
  • Ik-houd-een-in/uitgangspoort-van-de-metro-in-de-gaten-maar-niemand-weet-waarom-Japanner
  • Als-je-bij-de-ingang-van-een-winkel-bent-word-je-toch-graag-begroet-Japanner
  • Ik-druk-mensen-de-lift-in-en-druk-op-de-knop-van-de-45e-verdieping-Japanner
  • Ik-druk-mensen-de-lift-in-en-druk-op-de-knop-van-de-2e-verdieping-waarbij-ik-benadruk-dat-mensen-niet-op-de-eerste-verdieping-moeten-uitstappen-Japanner
  • Het-lijkt-of-ik-zomaar-een-beetje-voor-me-uitkijk-maar-ik-heb-toch-een-functie-Japanner.

Kampai!

Welterusten… Aart-Jan

Met de trein

april 23rd, 2010

Terwijl buiten het landschap voorbijspat met een slordige 300 kilometer per uur denk ik loom terug aan alle ergernissen als Nederlandse forens. Wat zou het heerlijk zijn als Japan Rail de NS overnam en het rigide en überefficiënte vervoersysteem uit het land van de rijzende zon in Nederland zou introduceren.

Eén ritje met de Shinkansen is natuurlijk niet maatgevend voor een dagelijkse impressie als forens in Japan, maar wat we tot nu toe hebben meegekregen van de mores op dit gebied is zeer positief. Aankomst en vertrek van álle treinen, trams en metro’s die we hebben meegemaakt was tot op de minuut nauwkeurig. Op tijd rijden is een erezaak hier!

In de shinkansen

Nu moet ik er ook bi jzeggen dat Nederlanders vergeleken met Japanse reizigers een zooitje ongeregelde OV-barbaren zijn. Netjes opstellen in rijen hier, niet voor de gele streep gaan staan. Het treinpersoneel leidt het vervoer met een vriendelijke lach en een nette buiging, maar intussen met militaire precisie.

Oei, ff afgeleid. Mount Fuji onthult zich links van ons in al haar pracht! We hebben geluk: het is helder weer en de berg met de mooie besneeuwde top is goed te zien. Maar zoals dat gaat met de hogesnelheidstrein zijn we er 30 seconden later alweer voorbij.

Uiteraard is de vraag of Nederlanders zich met een makke schapenmentaliteit door het OV laten sturen. Geeneens een vraag natuurlijk: dat lukt niet. Ieder land krijgt het OV wat het verdient, nietwaar? Dus ik geniet nog maar even van de Japanese way of travelling: de kans is immers groot dat ik over 2 weken weer sta te chagrijnen bij het vertragingsbericht voor de klerkenexpress naar Den Haag.

Welbeschouwd

april 11th, 2010

Terwijl in Nederland de nacht onderweg is, hebben wij de bus al gepakt op weg naar Beppu. Het is moeilijk voor te stellen dat we alweer een week op pad zijn, de tijd gaat snel.

Japan blijft verwonderen, dat was al vanaf dag 1. De naar Nederlandse begrippen ongekende hoffelijkheid (zijn Japanners ooit chagrijnig?), verbaasd om je heen kijken als in de periode voor de kleuterschool omdat je geen syllabe begrijpt van alle reclame- en andere borden.

Wat is me nu van deze week het beste bijgebleven? Eigenlijk vind ik ‘t het leukst om om een bankje of terrasje te gaan zitten om te kijken hoe de Japanners hun ding doen. Wat ik zodoende allemaal zag:

  • Een Japanse meneer die een kat uitliet alsof het een hond was
  • Over honden gesproken: het is de mode om de blaffertjes hier in de prachtigste dekjes te steken. Maar Fido met een roze Hello Kitty dekje aan, dat kan écht niet
  • Hoewel de Japanse vrouwen me wel bevallen, verbaas ik me over de onelegantheid van hun schoeisel. Brekebenend banen de knapste meisjes zich een weg door het leven gestoken in veel te ruime schoenen
  • Pachenko spelen. Dat Japanners graag een gokje wagen wisten we natuurlijk al. Maar Pachenko is echt heel vreemd. Het spel wordt gespeeld in immense gokhallen, waar onbegrijpelijke dingen gebeuren met duizenden metalen balletjes. De gemoederen worden opgehitst met oorverdovende muziek, gebliep en gepingel. Ik maak er nog wel een filmpje van.
  • De toiletten. Zo hightech heb ik ze nog nooit meegemaakt. Ze lijken nog het meeste op de commandostoel van Kapitein Picard op de Enterprise (Startrek). Met ingebouwde douche en droger zorgen ze ervoor dat je brandschoon het toilet weer verlaat. Van achteren dan zeg maar. Oh ja, je kunt ze ook nog gewoon doortrekken

Zo, nu maar weer eens gaan genieten van de culinaire geneugten die Japan te bieden heeft!

Respect

april 8th, 2010

De setting: een klaslokaal. De plek: het Nagasaki Atoombommuseum. Een fragiele, vermoeid ogende bejaarde man zit voorin het klaslokaal achter het tafeltje. Het is meneer Yoshiro Yamawaki. Hij was 12 toen op 11 augustus 1945 boven Nagasaki de atoombom ontplofte. In hakkelend Engels vertelt meneer Yamawaki zijn verhaal. Over een mooie zomerdag in de vakantie. Over zijn vader die zoals elke ochtend vertrokken was naar het centrum van Nagasaki waar de fabriek gevestigd was waar hij werkte. Over het feit dat zijn broer en hij toevallig net naar de achterkant van hun huis waren gegaan toen een felle lichtflits ineens de omgeving veranderde in de hel op Aarde. Die achterkant van het huis was hun redding; de schokgolf en de hitte raakten hen niet.

In het atoombommuseum

Tevergeefs wachtten de jonge Yoshiro en zijn broer tot hun vader zou terugkeren van de fabriek. Toen deze de volgende ochtend nog geen teken van leven had gegeven gingen de twee op pad voor een van de moeilijkste tochten van hun leven.

Meneer Yamawaki vertelt met broze stem over de verschrikkingen die zijn broer en hij tegenkwamen op weg naar het centrum van de stad. Openhartig en tegelijkertijd afschrikwekkend is hij over het moment dat ze het stoffelijk overschot van hun vader vinden vlakbij de fabriek. De verlammende schrik als uit de mond van hun vader lintwormen als gevolg van het inferno hun weg naar buiten zoeken. De vruchteloze poging om op de plek des onheils hun vader te cremeren.

Het vredespark in Nagasaki met de monolieth die het ‘ground zero’ weergeeft van de plek waar fat boy ontplofte, geeft een vredige en met het mooie weer en kersenbloesem zelfs vrolijke indruk. Toeristen staan er keuvelend stil bij de verschrikkingen die er kennelijk, maar voor het oog onzichtbaar hebben plaatsgevonden.

Het verschrikkelijke verhaal van meneer Yamawaki is een indringend ooggetuigenverslag dat de hele gebeurtenis van lang geleden in een klap verandert van een paragraaf uit de geschiedenisboeken tot een levendig tableau vivant dat gisteren had kunnen plaatsvinden. Met een brok in mijn keel en een traan in mijn ooghoek buig ik diep voor meneer Yamawaki waarna ik muisjestil het klaslokaal verlaat. Buiten waaien de lentepluisjes loom door de lucht. Langzaam maar zeker keer ik terug in de wereld van vandaag.

In transit

april 4th, 2010

Op de Duitse zender is een briljant programma als je niet slapen kunt: ‘Die schönsten Bahnstrecken Deutschslands’. En als je geluk hebt zelfs ‘Die schönsten Bahnstrecken der Welt’. Wat gebeurt er in een dergelijk televisieprogramma? Eigenlijk niets. En dat maakt het zo geschikt voor een slaaparme nacht.

Je zet een camera in de cabine van de machinist, zet ‘m aan en draaien maar. Je kijkt naar het hypnotiserende schouwspel van een voorbijzoevend landschap, met onderaan het scherm de eindeloze rails. Zo ben ik wel een aantal keren wakker geschrokken op de bank.

Op dit moment trekt het landschap van Siberië aan me voorbij op mijn personal entertainment system. Want ook op dit moment kan ik de slaap niet vatten. Met een soort tentstokken sloten de stewardessen de schuifjes voor de ramen, omdat het buiten al licht is, maar de Nederlandse en de bioklok nog echt nacht aangeven. Ik heb geprobeerd een film te kijken, een interessante maar toch langzame BBC-radiodocumentaire te luisteren over de millenniumbug en heb er nog een wijntje bij gepakt. Maar deze ‘long haul flights’ landen niet goed bij mij: ik staar gewoon nog voor me uit, terwijl de Japanners om mij heen met hun pantoffeltjes aan en oogmaskers voor toch echt de indruk wekken een slapie te doen.

Maar ach… ‘Die schönsten Flugstrecken der Welt’ fascineert wel. Ik ga er nog wat aandachtiger naar turen en hoop straks wakker te schrikken als de captain aankondigt dat we de landing hebben ingezet naar Narita International Airport…

Big in Japan

maart 27th, 2010

Over ongeveer precies een week is het zover, de wielen van de Japan Airlines Boeing raken de grond van Narita Airport, Tokyo. Dan begint er een groot avontuur, waarvoor ik de gehele maand april heb ingeruimd. Business & Pleasure in Japan!

Die ‘pleasure’, daar gaat het allemaal mee beginnen. Goede vriend André en ik gaan een mooie reis maken door het zuiden van Japan. Om voor een relaxte kennismaking met het land te zorgen, gaan we lekker met een groepsreis mee. Onze keuze is gevallen op een reis van Koning Aap. Het belooft een mooie afwisseling te worden van steden (Nagasaki, Kyoto en Tokyo zijn enkele highlights), maar er is ook voldoende ruimte voor een ‘off the beaten track’ belevenis met tripjes naar vulkaangebieden en hoogvlaktes. En uiteraard hopen we uitgebreid van het bloesemseizoen te gaan genieten!

Het ‘business’ element bestaat uit de studiereis die ik mag maken voor mijn werkgever. Ik noem het ‘business’, maar uiteraard is dit ook ‘pleasure’. En hoe!

Nu internet, locatie (nauwkeurige plaatsbepaling per GPS) en met name de verbinding tussen deze twee meer en meer gemeengoed wordt op mobieltjes, wordt het voor Romae hoog tijd om op de ‘band wagon’ te springen en bezig te gaan met mobiele content. Omdat men in Japan natuurlijk al gebruikt wat wij misschien pas over drie jaar in onze broekzak hebben, is een verlenging van de vakantie in Japan een voordehandliggende keuze. Dat vindt mijn werkgever gelukkig ook!

Dus op naar het land van de theeceremonies. Het land van de hightech. Het land van bruten die huishielden in de tweede wereldoorlog. En het land dat tientallen jaren lang een exclusieve en bijzondere handelsband had met Nederland.

En morgen gezond weer op

oktober 11th, 2009

Toen ik een aantal maanden geleden in India was, keek ik met ogen als schotels om mij heen. Een groot deel van het leven daar vindt plaats op straat. Zo kon het gebeuren dat ik in een straatje liep met medische kraampjes. In een van de kraampjes liet een iele man ineens zijn broek zakken. Voor ik goed in de gaten had wat er gebeurde, stak een sjofele gast met een jas die ooit wit was geweest een niet onaanzienlijke spuit in de billen van het iele mannetje. Deze laatste gaf geen krimp, broek omhoog en gaan met de banaan.

“Nou”, dacht ik. “Blij dat ik in Nederland woon, dáár is de gezondheidszorg tenminste op hoog niveau!”. Na ‘Voorburg’ ben ik er niet zo zeker meer van. Voorburg… mijn medisch Austerlitz.

De woensdag begon als alle andere. Suf, vroege trein, nog niet echt zin in de dag. Na een wild weekend Rome met mijn bedrijf Romae was ik nog een beetje aan het bijkomen. En die ochtend voelde ik wel dat er een verkoudheid zat aan te komen.

Wat heet. Binnen een paar uurtjes zwol mijn keel op als een kinderballon en mijn tong werd een onbeweeglijke spiermassa. Toch maar eens naar de huisarts bellen. Normale ondernemers zijn heel de dag open, maar als je in Nederland niet spoedeisende hulp nodig hebt, moet je na het middaguur meteen al een noodnummer bellen. Of een acute Kermit de Kikkerstem in combinatie met een zwelbek nou meteen een noodgeval is weet ik niet, maar ik heb toch het noodnummer maar gebeld.

De juffrouw die ik aan de lijn kreeg was verontrust. “U moet onmiddellijk langskomen”. In de tijd om van Voorburg naar Utrecht te geraken met het OV zit je ook halfweg naar Parijs, dus dat was niet echt een optie. “Dan moet u nu een huisarts zien in Voorburg”. Een logisch advies, met onvoorziene gevolgen.

Na enig googelen bleek er in de buurt van mijn werkplek een ‘Gezondheidscentrum’ gevestigd te zijn. Ha, een plek waar ze mensen beter maken! Ja… Als je door de ballotage komt en deel uitmaakt van de exclusieve club van leden van dát gezondheidscentrum. Want spontaan binnen komen lopen met een acute hulpvraag, dat hadden ze er kennelijk nog nooit meegemaakt.

En zo ontpopte een sessie dikke keel kijken zich tot een onverbloemde assertiviteitscursus. Want ik zou daar niet weggaan tot ik geholpen was! Na veel gesoebbat “het is hier geen eerste hulp, meneer” en mijn gescherm met de Hippocrates-eed kreeg ik het dan voor elkaar dat de dienstdoende huisarts me zou ontvangen.

Na de sarcastische insteek van dit blogje nog even een zonnige laatste alinea. De arts die ik te zien kreeg en zijn zéér charmante co-assistente maakten een hoop weer goed. Ik hoefde niet bang te zijn om te stikken en kreeg een beproefd gorgelmiddeltje mee. Ik ben nog behoorlijk ziek geworden van die keel. Enfin: de volgende keer dat ik in een vreemde stad medische verzorging nodig heb laat ik mij minstens bezorgen op een BHV-brancard!

Kaas, tulpen en klompen

juni 24th, 2009

Vanochtend vroeg werd ik met een schok wakker en wist ik even niet meer waar ik was. Waar was het geluid van de sissende hogedrukpan waarin Elentium igli’s bereidde? Of het verre getoeter van de ochtendtrein… de sirene van het luchtalarm die het begin van alweer een werkdag aankondigde voor een nabijgelegen fabriek. Niets van dat alles. Stilte. In mijn eigen slaapkamer in mijn eigen bed. Ik ben weer thuis in Nederland na zes fascinerende en fantastische weken in India.

Ik droom nog vaak van India! En als ik uit het raam van de trein kijk, zie ik geen groene weilanden, maar rijstpaddi’s. Ook in India is het even wennen aan het vertrek van ‘uncle’. Mijn gastheer John Peter schreef:

“Today morning our dear motor bike and myself came alone to the office. How could you create much deeper impact on me? It is just because of your simple, dedicated, passionate, sincere performance and very natural relationship. Long live our relationship.

De laatste dagen in India betekenden nog een behoorlijke eindspurt voor me. Er lag nog een behoorlijke stapel documenten en foto’s te wachten om te scannen, die vervolgens via de kippenlijn nog het internet op moesten. En op de valreep bedachten we een leuke tekenwedstrijd voor de scholieren van CREA School in het kader van de lancering van hun nieuwe website. Ook die tekeningen moesten nog gescand worden en een plekje krijgen op de site. En natuurlijk hebben we nog een paar uurtjes besteed aan de eindredactie van de tientallen webpagina’s die we de afgelopen weken hadden vervaardigd.

Enkele uurtjes voordat ik vertrok, mocht ik op CREA School nog de aftrap geven voor de ouderochtend. Daar spraken Christy en John Peter nog enkele lovende woorden over mijn inzet en kreeg ik een cadeautje mee voor Romae, dat nu een prominente plek heeft op de kamer van onze directeur.

De terugreis naar Nederland verliep goed en was met name langdurig. Behoorlijk gaar kwam ik zondagochtend (de langste dag van het jaar, 21 juni!) om 06.45 uur aan op Schiphol en werd daar opgewacht door mijn vader en mijn goede vriend Jurrie. Bedankt voor de hartelijke ontvangst op dit onchristelijke tijdstip!

En zo zit het er dus op… mijn avontuur in India. Maar uit het oog is niet uit het hart. Ik blijf actief betrokken bij de websites die ik heb gemaakt. En ik heb vriendschappen voor het leven heb gesloten, dus India blijft in mijn bloed.

Snelle update

juni 17th, 2009

De laatste drie dagen in India zijn aangebroken. De eindsprint is ingezet! Hoewel de websites bijna klaar zijn, moeten er nog wel puntjes op de i worden gezet. Daar ga ik de komende dagen mee aan de slag. Dus even geen uitgebreide blogs meer… nog wel wat sfeerplaatjes van de Srirangam tempel die we gisteren bezocht hebben. Het is een van de grootste tempels in Azie (klik even langs de overige foto’s en je komt bij de tempelplaatjes en een paar sfeerbeelden van het straatleven in de avond)!

Commotie op school

juni 13th, 2009

Ken je dat? Ben je een dag druk geweest, wil je even checken of er nog iemand gebeld heeft, graaien in je tas… ben ik mijn mobieltje vergeten?

Het overkomt me niet vaak en zeker niet in het buitenland, want dan ben ik extra alert op het al, dan niet meenemen van spullen. Maar eergisteren grabbelde ik dan toch vergeefs in mijn rugzak toen we op weg waren naar huis met de schoolbus van CREA. Kan gebeuren. Thuisgekomen bleek dat het mobieltje er niet lag… Als we mijn Indiaase nummer belden, kregen we een mededeling dat het toestel niet bereikbaar was, terwijl het zeker weten aan stond. Da’s raar… Helaas bleek al snel dat ik het mobieltje in de school moest zijn kwijtgeraakt. En hoe vervelend ook, het begon er meer en meer op te lijken dat iemand in mijn tas had gerommeld.

Elke schooldag bij CREA begint met een ‘assembly’, een gezamenlijke openingsceremonie. Het volkslied wordt gezongen, er worden mededelingen voorgelezen en de leerlingen doen wat gymnastiekoefeningen om de bloedstroom op gang te brengen. Maar gisteren kwam er ineens de mededeling van de hoofdonderwijzeres dat de GSM van ‘uncle’ was verdwenen. En ineens wat het stil in de assembly. Op het verzoek aan de dader om zich te melden reageerde niemand. En even later ging iedereen in mineur aan de slag.

Zoveel commotie om een mobieltje… ik schaamde me een beetje. Een prepay-pakket in India is spotgoedkoop en ik had speciaal hiervoor een oud toestel van huis meegenomen. Maar uiteraard ging het niet om de waarde van het toestel, maar om de goede naam van de school. In de loop van de dag kwamen verschillende leerlingen me opzoeken om te vragen of het toestel al terecht was. Als ware Sherlock Holmen bedachten sommigen theorieën over de verdwijning. Ik hoorde zelfs dat de leerlingen met de pet rond wilden gaan om een nieuw mobieltje voor me te kopen.

En daarom ben ik blij dat het toestel terecht is… maar helaas bleek ‘ie wel gepikt. Een chauffeur van een schoolbus vond ‘m weggestopt achter een kussen in het bagagerek. Tsja… We hopen dat de dader nog boven water komt, zodat we er een nuttige levensles aan kunnen koppelen. Voor CREA school betekent dit het einde van de periode van onschuld. Christie, de hoofdonderwijzeres, heeft altijd de deur van haar kantoor open. Haar handtas (met portemonnaie en mobieltje) laat ze daar gewoon achter als ze elders in de school is. Maar vanuit diezelfde kamer is mijn mobieltje uit mijn rugzak gepakt. CREA School, welkom in het echte leven.

PS: ik denk geen haartje minder over de leerlingen van de school. Het zijn fijne jonge mensen! Maar zoals nu pijnlijk blijkt, zit er overal wel een rot appeltje tussen.